8 op 10 leerlingen voelt zich onveilig in het verkeer

  • L
10 maart 2015

Drukte en snelheid maken kinderen bang

© VSV

Uit Het Megagrote Zeppe & Zikki Verkeersonderzoek blijkt dat 80% van de kinderen het verkeer gevaarlijk vindt. Daarnaast geeft maar liefst de helft van de kinderen (46%) aan dat ze bang zijn om gewond te geraken in het verkeer. Kinderen zien vooral problemen in de drukte (77%) en snelheid van het verkeer (82%), terwijl de meeste ouders bang zijn dat hun kinderen de gevaren in het verkeer niet goed kunnen inschatten. De resultaten tonen daarnaast aan dat het vooral de moeder (39%) en de leerkracht op school (41%) zijn die verkeersopvoeding geven, in tegenstelling tot de vader (17%).

Positief is dat de overgrote meerderheid van de kinderen altijd de veiligheidsgordel in de auto draagt (91%), het zebrapad gebruikt om over te steken (94%) en hun fietslicht aanzet wanneer het donker wordt (97%). Minder goed nieuws is dat 1 op 3 kinderen geen fietshelm draagt. Ook een fluovestje is minder populair (70%). Beide zaken hangen in belangrijke mate samen met het belang dat ouders hieraan hechten en met groepsdruk.

Kinderen vinden doorgaans dat hun ouders het goede voorbeeld geven door zelf de gordel te dragen en zich aan de verkeersregels te houden. Toch toont het onderzoek twee uitzonderingen. Zo is er het gebruik van de gsm in de auto: 50% van de kinderen beweert dat hun ouders af en toe bellen in de auto. Slechts 38% van de ouders geeft dit effectief toe. Daarnaast vindt 16% van de kinderen dat hun ouders regelmatig te snel rijden.

Oorzaak ligt bij volwassenen

© VSV

'Dit onderzoek toont aan dat onze wegen, straten en pleinen in de ogen van kinderen absoluut geen veilige omgeving zijn, laat staan een omgeving waarin ze zich thuis voelen', reageert VSV-woordvoerder Werner De Dobbeleer. 'Dat is dubbel jammer, enerzijds omdat kinderen een verhoogd risico lopen in het verkeer, anderzijds omdat ze op die manier weinig positieve impulsen krijgen om actief deel te nemen aan het verkeer en ervaring op te doen als jonge voetganger of fietser. De hoofdoorzaak van al die onveiligheid ligt bij ons, volwassenen, in ons eigen gedrag. Nog al te vaak rijden we veel te snel in buurten waar kinderen vertoeven, terwijl de wegcode daarover zeer duidelijk is: in aanwezigheid van kinderen ben je als bestuurder altijd verplicht om je gedrag aan te passen, dat wil zeggen dubbel voorzichtig zijn, vertragen en zo nodig stoppen om de kinderen of andere kwetsbare weggebruikers niet in gevaar te brengen. Wie deze regel niet naleeft, riskeert een geldboete tot 1.500 euro. Voor wie fietsende kinderen in gevaar brengt, kan de boete zelfs oplopen tot 3.000 euro.'

'Het positieve nieuws is dat de meerderheid van de kinderen zich aan belangrijke verkeersregels houdt zoals de gordel dragen in de auto of het zebrapad gebruiken. Ook positief is dat twee derde een fietshelm draagt, maar daar tegenover staat dat één op drie dat (nog) niet doet. Een fietshelm kan bij een valpartij of aanrijding het verschil maken tussen lichte verwondingen of een levensbedreigend hoofdletsel, en is daarom sterk aan te raden. Het dragen van een fluohesje verbetert drastisch de zichtbaarheid, en kan daardoor ongevallen helpen voorkomen.'

Auteur:
Els Hendrickx